1 oktober 1999

Isolatie van Servië vanuit het Westen blijft troef, ook al tekende Milosevic in juni het door bemiddeling van Rusland bereikte Ahtisaari-vredesakkoord. Er kwam daardoor een eind aan de NAVO-bombardementen. Nu isoleren we het land echter en geven we het geen hulp bij de wederopbouw. De oorlog gaat dus door. Waarom? Het Westen wil van buitenaf een machtswisseling afdwingen. Ook Kroatië pleegde echter oorlogsmisdaden en deed aan etnische zuivering, vooral in de Krajina, maar daar dwingen we geen machtswisseling af. We beperken daar ook niet het bieden van hulp of het leveren van olie tot ‘oppositiesteden’ , zoals minister Van Aartsen en zijn Griekse collega in het geval van Servië hebben voorgesteld.

Dit meten met twee maten is als volgt te verklaren. We wilden bemiddelaars zijn in het conflict tussen de Albanese Kosovaren en Servië, maar verloren daarbij onze onpartijdigheid door een onnodige dan wel ontijdige, dwangmatige militaire interventie. Door de NAVO-luchtoorlog werden we, anders gezegd, zelf partij in het conflict (overigens een doodzonde bij ‘peace-making’), waardoor vijanddenken ontstond en Servië werd gedemoniseerd. Het pleit niet voor het Westen, dat het zich ondanks het op 9 juni (tussen de NAVO-landen en Joegoslavië) gesloten akkoord hiervan niet losmaakt, maar nog steeds oorlog voert. Niet meer via bommen, maar door een isolatiebeleid.

Het voeren van een beleid dat Servië isoleert is echter ongewenst, ineffectief en gevaarlijk. Ik noem vijf punten.

  1. Regimewijziging in Servië is van belang, maar een zaak van het land zelf. Democratisering van Servië is eveneens gewenst, maar men kan daar, zo zeg ik de progressieve Serviër Zoran Djukunovic na, “niet van de ene op de andere dag een democratisch bewind verwachten.”
  2. De betogingen van de oppositie stellen weinig meer voor. Dit komt door interne verdeeldheid, maar ook omdat Serviërs geen fut en energie meer hebben. Hun eerste zorg is te overleven en hoe zich voor te bereiden op een bittere winter.
  3. Een volk laat een bewind dat 78 dagen bombardementen van de machtigste militaire organisatie ter wereld wist te weerstaan, niet meteen vallen. Voortgaan met isolatie en demonisering vanuit het Westen zal de huidige egelstelling van het volk versterken, leiden tot meer krampachtigheid en zeker het democratiseringsproces niet bevorderen.
  4. De Helsinki-beweging van de jaren zeventig, gericht op openheid en communicatie met de Warschaupactlanden, is een leerschool hoe een autoritair socialistisch bewind te democratiseren. Isolatie werkt in dit geval dus juist averechts.
  5. Isolatie en daarmee de verdere verkramping van Servië zou kunnen leiden tot een burgeroorlog in dat land, met als gevolg een mogelijk nieuw ingrijpen van de NAVO en escalatie van spanningen in de regio. (Milosevic een vrijgeleide aanbieden naar Cyprus is overigens een mogelijkheid die ellende zou kunnen voorkomen).

Ik zou er een lief ding voor over hebben indien de fractie van mijn eigen partij, GroenLinks, het initiatief zou nemen tot een actie om een eind te maken aan dit heilloze isolatiebeleid. Zij ondersteunde na enige aarzeling en gelukkig niet unaniem de recente NAVO-luchtactie. Het ligt dus in de lijn der verwachting dat zij in deze het voortouw neemt. Ik constateer echter met pijn dat een delegatie van de GroenLinks-Tweede Kamerfractie na terugkomst uit de Balkan verklaarde “een onafhankelijk Kosovo onvermijdelijk” te achten. Ze baseerde dat oordeel dan wel op de huidige feitelijke situatie (“niet de dinar, maar de Duitse mark is in feite de gehanteerde munteenheid”), maar van zo’n verklaring gaat niettemin een verkeerde suggestie uit. We verwijten president Milosevic onbetrouwbaarheid. Wordt met zo’n verklaring het Westen niet impliciet hetzelfde imago van onbetrouwbaarheid gegeven? Op zich misgunt niemand de Albanese Kosovaren onafhankelijkheid, maar hoe zullen de zigeuners en Serviërs in Kosovo reageren en wat zullen de effecten zijn op de Albanezen in Macedonië? Zal ook Montenegro zich dan niet willen losmaken? Het Westen blunderde met de vroegtijdige erkenning van Kroatië, zonder garanties te bedingen voor de grote Servische minderheid; het gevolg was een vreselijke oorlog, die al spoedig oversloeg naar het eveneens te vroeg erkende Bosnië.

Bovendien zou er in juni geen vrede zijn gekomen als Servië afscheiding van Kosovo had moeten accepteren. Het tekenen van een akkoord na bemiddeling is uiterst belangrijk bij ‘peace-making’. Het akkoord werd kort daarna gesanctioneerd door de internationale gemeenschap via VN-resolutie 1244. Dat men nu al na een paar maanden indirect deze resolutie helpt te ondermijnen, kan gewoon niet. Te meer omdat de verdrukte van voorheen nu als onderdrukker opereert, en er zelfs sprake is van omgekeerde etnische zuivering. Je zou verwachten dat politici nu de eersten zijn die aan de bel gaan hangen en hun zorg juist hierover uitspreken. Overigens, dat de Duitse mark in Kosovo informeel de munteenheid vormt, was al jaren het geval. Bijna elk Albanese familie heeft er leden die werkzaam zijn in Duitsland.

Elke suggestie, hoe klein ook, in de richting van een onafhankelijk Kosovo, los van Servië (IKV-secretaris Faber liet zich nadrukkelijk in die zin uit), acht ik hoe dan ook onverstandig. Het akkoord van juni en ook VN-resolutie 1244 noemt Kosovo immers nadrukkelijk een (autonoom) deel van Servië. Daarin wijziging aanbrengen, kan slechts met instemming van die republiek. Wie dat veronachtzaamt, levert geen bijdrage aan de vrede. Het is veeleer het tegendeel van conflictpreventie, waaraan we in het Westen veel lippendienst bewijzen. Servië en Kosovo zijn een ondeelbaar probleem. Er is nu een autonoom Kosovo en er is onderzoek naar de gepleegde oorlogsmisdaden in het gebied. Hoe eerder we nu stoppen met het vijanddenken jegens en isolatie van Servië, des te beter. De democratisering van het land en de stabiliteit in de regio zal er wel bij varen. Bovendien heeft ook het Servische volk, zeker na de recente destructie als gevolg van de NAVO-bombardementen, er recht op door ons door de komende winter heen te worden geholpen.