17 juli 2003

Het tweede kabinet-Verhofstadt besloot deze zomer de omstreden Belgische genocidewet van 1993, op grond waarvan verdachten van oorlogsmisdaden en misdrijven tegen de menselijkheid ongeacht hun nationaliteit konden worden vervolgd, in te trekken. Er was eigenlijk niets mis met die wet. Ze sloot aan bij het huidige internationale rechtsgevoel en ook bij de recente oprichting van het Internationaal Strafhof. Haar trofee was dat ze enkele jaren terug de veroordeling van vier Ruandezen, onder wie twee nonnen, voor hun rol bij de massamoord in 1994 mogelijk maakte en dus een stukje gerechtigheid bracht. Ze kon door haar afschrikkingswaarde zelfs worden gezien als een soort alternatief voor militair ingrijpen.

Daarom zou Nederland zijn wet met dezelfde strekking eigenlijk moeten aanpassen aan de vorige, nu afgeschafte Belgische wet. Het goede van de Belgische wet was of is dat burgers een crimineel onderzoek konden/kunnen áfdwingen als zij zich slachtoffer voelen van een misdrijf. In Nederland kan dat niet. Daar kan het Openbaar Ministerie klachten van burgers tegen politici van bevriende naties zoals Sharon of generaal Franks eenvoudig terzijde schuiven en dus buiten beeld houden. Om dat laatste leek het vooral te gaan in de Amerikaanse (en Israëlische) veroordeling van en actie tegen de omstreden Belgische wet. Men wist dat het met vervolging niet zo’n vaart zou lopen, maar het was de negatieve publiciteit die irriteerde.

Ook een eerdere afzwakking, zoals het doorverwijzen van de aanklacht naar het land van herkomst van de aangeklaagde, gaf die publiciteit. Indien je als VS denkt boven de wet te staan en zelfs het Internationaal Strafhof meent te kunnen negeren, wordt het algauw een doorn in het oog als een gerechtshof van een klein land continu de media haalt met aanklachten over mogelijke oorlogsmisdaden van hun leiders. Daar kwam nog bij dat België al ergernis had gewekt door zijn prominente rol in het verzet tegen de illegale Amerikaans-Britse oorlog met Irak. De Amerikaanse druk kreeg hoe dan ook steeds onfrissere dimensies. België kwam door ongelukkig opereren geïsoleerd te staan en ging uiteindelijk door de knieën.

Begin augustus keurde het Belgische parlement een nieuwe wet goed, waarbij de slachtoffers die een aanklacht indienen in België geboren zijn in dan wel een band moeten hebben met België. Wat mij betreft had het Belgische retireren niet gehoeven, in elk geval niet zo. Ook de Amerikanen weten immers dat een aanklacht geen veroordeling is en wat extra nieuws daarover al helemaal niet. Ooit belandden voor machthebbers onwelgevallige rechters in de gevangenis. Men koestere daarom bij uitstek onafhankelijke rechtspraak. Ook vanwege de preventieve afschrikkingswaarde ervan.

Een tijdelijke bevriezing van de wet, bijvoorbeeld zolang in de VS de Republikeinen aan de macht zijn, zou nog de voorkeur hebben gehad boven de huidige uitkleding, waarbij van universaliteit weinig overblijft. Die uitkleding vormt een dermate anticlimax, dat zich het beeld opdringt van de Belgische muis die even brulde.