1 november 2007

Godsdienstsocioloog Gerard Dekker toont zich in een artikel in Trouw (27 oktober) cynisch over de nieuwe spiritualiteit. Hij noemt het ‘een weelde- en consumptieartikel’ dat voortkomt uit ‘de toegenomen welvaart’ en van weinig nut is voor de samenleving.

Toch lijkt mij niet dat de belangstelling voor spiritualiteit een materiële oorzaak heeft. Het is eerder een intrinsiek proces. Misschien hebben bewegingen als die van Findhorn (Schotland) of de ‘Course in Miracles’, dan wel schrijvers als Deepak Chopra, Paul Ferrini, Eckhart Tolle en in ons land Hans Stolp en Jacob Slavenburg er een impuls aan gegeven. Maar dat ze zo veel impact hebben, is niet aan consumptie toe te schrijven.

Waarom zou het niet kunnen dat er een positief spiritueel denken aan het doorbreken is, met nadruk op zelfvertrouwen, liefde, dankbaarheid, eenheidsbewustzijn en mystiek? Dit komt mede doordat het traditionele kerkelijke denken sleets geworden is, met de nadruk op zonde, schuld, kleinheid van de mens, niet te veel genieten en angst. Positief spiritueel denken is pluriform en ook minder gericht op collectief en doctrinair geloven. Het is vrijzinnig en ook minder kwetsbaar voor uitwassen, zoals excommunicatie van mensen. Daarmee lijkt het op het christendom van de eerste drie of vier eeuwen van onze jaartelling. Persoonlijk en divers geloven was toen ‘in’. Er waren vele evangeliën en christelijke geschriften in omloop met uiteenlopende accenten. Maar omstreeks het jaar 350 bestempelden kerkelijke autoriteiten een beperkt aantal ervan als ‘waar’, de rest werd in de ban gedaan en moest worden vernietigd. Openbare verbrandingen vonden plaats, met als dieptepunt de bestorming en verwoesting van de beroemde bibliotheek van Alexandrië met een grote schat aan Helleense, joodse, Egyptische, christelijke, ja zelfs boeddhistische literatuur.

Sinds die tijd wordt eenieder voortaan geacht hetzelfde te geloven. Mystieke, esoterische en andere stromingen die zich hierin niet konden vinden, gingen ondergronds. Pas in 1946 is de revolutionaire ontdekking gedaan van het evangelie van Thomas en andere geschriften, teruggevonden in een kruik in de woestijn bij het Noord-Egyptische Nag Hammadi. In de huidige tijd van individualisering, emancipatie en het tanen van de kerkelijk macht, komen mystieke en esoterische stromingen weer in volle kracht naar boven.

De nieuwe spiritualiteit of nieuwe vrijzinnigheid is iets positiefs, enkele uitwassen daargelaten. Ze legt accent op innerlijke groei en ervaring, kennis van het hart, zelfinzicht en leven vanuit je bron. En ze is tolerant en universeel gericht.

Ook de Britse godsdienstsocioloog Paul Heelas, die er een boek over schreef onder de titel Spiritual Revolution (2005), is positief. Hij signaleert dat de nieuwe vrijzinnigheid is doorgedrongen in gezondheidszorg, onderwijs, zakenwereld – en binnen de kerkmuren. Dekker lijkt het vooroordeel te koesteren dat spiritualiteit geen sociale dimensie heeft. Dat wordt door Heelas volledig ontzenuwd. Dienst aan het goede en aan de mensheid staan volgens hem centraal. Dat beeld komt ook uit het recente onderzoek van Martijn Lamperts (Motivaction) en Gerrit Kronjee (Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid). Zij tellen in Nederland vier miljoen ‘ongebonden spirituelen’.

Om sociaal te kunnen zijn, is zelfkennis wezenlijk. Ook het erkennen van onze schaduwen, die we maar al te vaak projecteren op derden. Ik zie tevens veel zelfafwijzing onder mensen. Het is juist van belang dat mensen zelfvertrouwen krijgen en vooral goed in verbinding zijn met zichzelf, zeker ook met hun goddelijke kern. De naaste heeft niets aan angstige, naar depressies of zelfdoding neigende mensen. Mensen moeten van zichzelf kunnen houden voordat ze van anderen gaan houden. De nieuwe spiritualiteit ziet dat in. Er is dus geen enkele reden daar ongerust over te zijn. Ertegen ageren, zoals de zich op Boeddha en Christus beroepende bestseller en film Secret wel ten deel viel, is een zwaktebod, waarmee je het juist energie geeft. En misschien is de boodschap van Secret nog niet eens zo gek. Als ik steeds maar negatief ben, maak ik immers niet alleen mezelf depressief, maar steek ik ook mijn omgeving aan. Leven vanuit je bron of innerlijke kracht en positief in het leven staan is in elk geval van belang. Er is niks mis met mystiek en spiritualiteit.

Dit artikel verscheen op 9 november tevens in Trouw.

Advertisements