24 augustus 2008

Oud-collega antropoloog Hans Tennekes zei bij zijn afscheidscollege samen met studenten te hebben vastgesteld dat het in de wereld gaat om drie dingen, namelijk 1) macht, 2) belang en 3) sociale uitsluiting. Ik zie ze in elk geval als kenmerken van realpolitik, ook nu bij de recente Kaukasusoorlog.

Ik sta zeker geen realpolitik voor, waarbij uit louter machtsbelang en zonder ethiek buurlanden tegen elkaar worden uitgespeeld, maar acht dit niettemin een minder groot kwaad dan messianistisch utopisme. Utopisme heeft door zijn krachtige droom een enorme drive tot rechtvaardiging, waardoor het verleidt tot massief geweld. We zagen dit bij het bolsjewisme, nazisme en zien het bij het zionisme en het neoconservatisme. In een artikel ‘Rampzalig utopisme als gevolg van een christelijke mythe’, onder meer gepubliceerd in Friesch Dagblad, ging ik daar dieper op in.

In de Kaukasusoorlog zie ik weinig utopisme. Wel heeft de Georgische president Saakasjvili iets messianistisch en nam hij risico’s. Dat past minder bij realpolitik. Grote risico’s nemen hoort eerder bij utopisme, zoals het ondoordacht beginnen van de Irakoorlog in 2003 door de neoconservatieven. De Amerikanen vertonen inzake Georgië ook wel enige messianistische trekjes, zoals het onterecht prijzen van Georgië als een democratisch bastion in de Kaukasus, de rechtvaardiging voor hun omvangrijke militaire hulp aan dit land. Maar de augustusoorlog blijft in hoofdzaak realpolitik met vier hoofdrolspelers, te weten Georgië, Rusland, het Westen en de Osseten. De laatsten voelen zich evenals de Abchaziërs geen Georgiërs en willen zo ook een eigen staat. Het conflict kwam tot uitbarsting in 1992 en resulteerde in een bestand, waarbij ook Rusland ‘peacekeepers’ leverde.

Alle vier spelers hebben zo hun belangen, Georgië om het omstreden gebied terug te krijgen, de Osseten om dat te voorkomen, Rusland om zijn invloed in de regio te behouden en de Amerikanen om de positie van hun bondgenoot en voorpost in de Kaukasus te versterken. En welke macht hanteerden ze daarvoor? Georgië door radicaal de zijde van het Westen en de NAVO te kiezen en door zelfs de Amerikanen te helpen met een contigent soldaten in Irak. De Osseten door de Russen als beschermheer te nemen en door Georgiërs zo nu en dan te provoceren. Rusland voorts door de Osseten aan zich te binden met het geven van faciliteiten, en de Amerikanen ten slotte door op de laatste NAVO-top te Boekarest, zij het tevergeefs, te proberen Georgië lid van de NAVO te maken.

Eenieder vond de eigen methode van machtsuitoefening normaal, maar ergerde zich aan die van de tegenspeler. Bovendien zat er nog oud zeer bij deze en gene. In elk geval speelt dat bij Rusland, waarvoor het eindelijk revanche meende te kunnen nemen. Ik denk aan de kwestie Kosovo en de Amerikaanse plannen voor een raketschild in Tsjechië en Polen en, wat ik vanuit de vredesoptiek het ergste vind, de oostwaartse expansie van de NAVO na 1990. De Sovjet-Unie ontbond het Warschaupact na de val van de Muur. In plaats van daarvoor dankbaar te zijn en Midden-Europa een militair neutrale bufferzone te doen zijn, ging de NAVO de vrij geworden landen een voor een inpikken. Zonder zich er rekenschap van te geven hoe dat moest overkomen bij de gewonde Russische beer en hoezeer dit antiliberale krachten zou oproepen in Rusland. Dat Midden-Europa lid van de NAVO wilde zijn en nu ook de Oekraïne en Georgië, is op zich begrijpelijk vanuit hun angst voor de oosterbuur. Begrijpelijk, maar daarom nog niet goed. De verantwoordelijkheid lag hoe dan ook bij het Westen. Dit had moeten inzien, dat je een verslagen tegenspeler niet een trap nageeft of zout in zijn wonden strooit. Als je dat wel doet, heeft dat gevolgen.

Die gevolgen zien we thans ten volle door de robuuste Russische reactie op de inval van Georgië op 8 augustus in Zuid-Ossetië. Een reactie, die mede te maken heeft met de geopolitiek van uitsluiting jegens Rusland. De NAVO-expansie, het erkennen van Kosovo als onafhankelijke staat en ook het raketschild waren immers alle een eenzijdig westers dictaat. De Russische bezwaren werden weggewuifd. Inzake Kosovo bleef Rusland weinig anders over dan te zeggen: ‘als Kosovo zich eenzijdig kan afscheiden, waarom zouden Ossetië en Abchazië dat dan niet mogen’. Ons zo een koekje van eigen deeg geven past in realpolitik. Trouwens ook dat Rusland op een gegeven moment voorstelde om dan ook zelf maar lid te worden van de NAVO. De laatste ging daar niet op in. Ziedaar hoe we nu een nieuwe tegenstelling creëren in Europa. Niet ideologisch zoals voorheen, maar toch opnieuw polarisatie. De Russen gaan daarin ook niet vrijuit. Hun leiding is helaas autocratisch aan het worden en blijkt ook niet vies van geopolitiek, maar mijn punt is dat het een wisselwerking is, dus dat wij door expansie naar hun grenzen dat hebben versterkt. Onze rol op de zuidflank van Rusland nu en het raketschild in Polen doen dat zoals blijkt ook.

Hoewel politici bij realpolitik slim denken te opereren, kunnen er vaak grote miskleunen plaatsvinden. Dit omdat men zich te zeer fixeert op de eigen belangen, zonder enige empathie voor die van de ander, dus vaak opereert vanuit een (harde) geopolitiek van macht en sociale uitsluiting. Miskleunen, die de hoofdrolspelers zonder dat ze het meteen beseffen plotseling in een oorlog kunnen doen belanden. De Eerste Wereldoorlog is daarvan het grote voorbeeld. De Duitse keizer was zelfs op vakantie tijdens het uitbreken van de oorlog. We zagen het nu ook in de Kaukasus. Er zouden lichte Ossetische beschietingen op Georgische dorpen zijn geweest. Niet meteen een reden voor een Georgische invasie, want zulke provocaties waren er al jaren. In elk geval geen reden voor het zwaar beschieten van de Ossetische stad Tsjinvali door Georgië, waardoor veel burgers en ook twaalf Russische vredessoldaten omkwamen. En dat laatste was op zich ook geen reden voor Russische lucht- en andere aanvallen op Georgisch gebied. En toch gebeurde dat alles. Het overkwam als het ware de hoofdrolspelers te midden van hun spel van macht, belangen en uitsluiting in het kader van realpolitik. Heel irrationeel door ergernis en oud zeer en daarna met veel retoriek om de eigen rol goed te praten. Inmiddels met veel humanitair leed.

Na de geweldsexplosie is het nu wonden likken. Als verliezers gelden Georgië en de VS, maar ook Rusland leed imagoverlies. Ossetië en Abchazië lijken voorgoed verloren voor Georgië. En voor de VS is behalve verzwakking van bondgenoot Georgië ook de bekoelde verhouding met Rusland een groot nadeel. De Amerikanen zijn in de Veiligheidsraad en elders nu eenmaal nogal afhankelijk van de medewerking van Rusland. De Russen verbraken eind augustus door het te sterk partij kiezen van het Westen zelfs alle samenwerking met de NAVO. Tel uit je winst. Waar ik al in de jaren negentig voor waarschuwde, lijkt nu te gebeuren.

Had dit anders gekund vanuit het perspectief van geweldloosheid? Jazeker, en wel door de belangen van de ander veel meer in te calculeren in het eigen geopolitieke beleid en voorts bereid te zijn tot samenwerking, tot eerlijk delen en tot het sluiten van compromissen. En daarbij steeds de ander in zijn of haar waarde te laten. In elk geval niet arrogant en bevoogdend vanuit een missiedrang in te grijpen in hun leven, zeker niet militair vanuit welke motieven ook. Onze buitenlandse politiek en diplomatie is nu te veel louter op uitbreiding van westerse macht en belangen gericht. Ook te veel op (omsingelings)angst oproepende blokvorming. Dat moet anders. Hier ligt tevens een taak voor de vredesbeweging.

Interessant is ten slotte hoe de Nederlandse pers – uitzonderingen daargelaten – vrij genuanceerd op de oorlog reageerde. Een enkeling blijkt zelfs bereid te willen leren van de geweldsexplosie in de Kaukasus. Zo verwijt Mient Jan Faber in een artikel in Trouw het Westen dat het ‘brokkenmaker en avonturier Saakasjivi nooit de wacht heeft aangezegd’. En M. van den Doel, voormalig Tweede Kamerlid van de VVD, vraagt zich in een artikel in NRC-Handelsblad af of de NAVO wel moet ‘doorgaan met de koers van uitbreiding’ en idem met het ‘meedoen aan het Amerikaanse raketschild’. Zinnige reacties. Dat de NAVO, op papier een interne verdedigingsorganisatie, thans in Afghanistan buiten het eigen verdragsgebied opereert en nog wel aanvallend – ook al ziet zij dat zelf wat anders –, geeft aan dat een kritische bezinning op de westerse realpolitik urgentie heeft. Het is zaak te stoppen met de NAVO-expansie en met dat volstrekt onnodige raketschild.

Dit artikel verscheen eerder in Friesch Dagblad van 25 augustus 2008, in De Linker Wang (september 2008) en in een iets andere versie in Stentor van 28 augustus en in Leidsch Dagblad van 30 augustus.