11 februari 2009

Barack Obama is in zijn eerste honderd dagen vooral nog bezig met symbolische daden. Zo draait hij omstreden beslissingen van zijn voorganger terug, ook om de VS weer ‘hun morele status terug te geven’: martelen verbieden, Guantanamo en CIA-gevangenissen sluiten, de tegenstrijdigheid rondom de abortuspolitiek stoppen en zijn beleid transparant maken. Dit laatste ook voor historici, die door Bush jr. onnodig lang buiten de deur werden gehouden. Obama tekende, behalve drie besluiten ter versterking van de positie van de vakbond in de VS, zelfs al een energieplan, waardoor staten eisen kunnen stellen aan de CO2-uitstoot van voertuigen. Ook bereikte hij op 12 februari een akkoord met het Congres over een economisch hulp- of herstelplan in de VS van 789 miljard dollar. ‘De man van de hoop’ straalt daadkracht uit en geeft in zijn buitenlands beleid weer voorrang aan diplomatie.

Uit deze snelle start is al iets op te maken, maar inzake zijn beleidsvisie moeten we het nog vooral doen met hoe hij tot en met zijn inhuldiging furore maakte. Zijn rede op 20 januari raakte ons in Nederland zeer, behalve wellicht enige cynische commentatoren. Ik bekeek die rede nog eens en vergeleek haar met voorgaande speeches. De overwinningsspeech van 4 november heeft grote hoogte. Cynisme, wanhoop en twijfel worden door Obama getransformeerd tot Yes we can. Behalve eenheid is een sleutelzin dat ‘niet de macht van onze wapens of de grootte van onze rijkdom, maar de onuitputtelijke kracht van onze idealen’ de ware kracht van een volk is. Idealen als ‘democratie, vrijheid, kansen en onverslaanbare hoop’.

In zijn inhuldigingsrede zien we min of meer hetzelfde. Geen pijlen naar Bush jr – hij veronderstelde het bekend dat Bush twee oorlogen en een economische crisis achterliet –, maar zich op de toekomst richten, optimistisch en realistisch. Hier tevens nadruk op idealen. Tegenstelling tussen veiligheid en idealen noemt hij vals. En mensenrechten wil hij niet opgeven voor opportunisme. Ook beklemtoont hij samenwerking op basis van wederzijds belang en respect.

Er is sprake van een totaal andere wereldbeschouwing dan die van Bush jr. Bij deze was het antagonisme wat de klok sloeg, the West against de rest. Impliciet nam Obama dan ook radicaal afstand van zijn voorganger: geen machtsvertoon, maar tolerantie, samenwerken en een grote scepsis jegens het neoliberalisme. Obama is ook streng: “De tijd van onprettige beslissingen uitstellen is voorbij.” Hij houdt zijn volk voor de schouders eronder te zetten en in hun kracht te komen. Dat laatste was indirect al een effect van 4 november voor veel Afro-Amerikanen: ‘als Obama het kan, kunnen wij het ook’. En moslimlanden, waarnaar de vriendenhand wordt uitgestoken, laat de kleinzoon van een Keniase moslimkok weten: “Weet dat jullie volk je beoordeelt op wat je kunt bouwen, niet op wat je kunt vernietigen.” Naties vernemen van hem dat ze ‘niet langer onverschillig kunnen staan tegenover het lijden buiten de grenzen’.

Jongeren
“Uit velen zijn we een en zolang we ademen, zullen we hopen,” dat is wat deze door het weekblad Time uitgeroepen ‘man van het jaar 2008’ drijft. Met andere woorden: eenheidsbewustzijn en hoop. Hoop typeert hij zelfs als ‘onverslaanbaar’. Het is niet hetzelfde als optimisme. Hij waarschuwt zelfs voor te groot optimisme. Toch beschikt Obama momenteel over een krediet dat zeldzaam is. Waarom? Omdat hij in een cynische of donkere tijd van wanhoop en wantrouwen zijn stem verheft om over waarden en idealen te praten, over verantwoordelijkheid, respect en ‘hoop boven vrees’. En ook dat alles beter kan. Vaak zien we het niet, maar hoop is volgens mij een uiterst belangrijk wapen. “It is real and keeps people going,” zeiden in het tv-programma Tegenlicht op 26 januari Amerikaanse jongeren die zich tijdens de campagne het vuur uit de sloffen hadden gelopen voor Obama. Diens overwinning is dan ook niet in de laatste plaats óók de triomf van jongeren.

Hoop is een emotie. Hoop jaagt ons handelen aan, het heeft iets met vertrouwen en staat haaks op overbezorgd zijn. Mensen zijn er opgetogen door. Het verklaart dat twee miljoen mensen de kou trotseren om de inhuldiging bij te wonen. Hoop heeft iets spiritueels, geeft kracht. Verbindt hij idealen vaak met spirituele kracht, zijn grootste prestatie is dat hij de ‘terreur van de angst’ van acht jaar neoconservatief bewind omsmeedde tot hoop. Volgens de Franse politicoloog Dominique Moisi is angst juist in het Westen de dominante emotie en hoop die van Azië (en vernedering die van de moslimwereld). Leiders spelen vaak in op angst, zeker bij crises, wat Obama’s transformatie van angst in hoop des te opmerkelijker maakt. En ook dat er nu dankzij gedeelde verwachtingen tijdelijk sprake is van een zekere verbroedering.

Het zou enorm zijn indien Obama iets daarvan kan overbrengen naar het Midden-Oosten, waar angst (Israël) en vernedering (Arabieren) dominante emoties zijn. De wonden van de betreurenswaardige Gaza-oorlog lijken daarvoor op het eerste gezicht nog te diep. Een blokkade is ook het niet willen erkennen van Hamas als gesprekspartner. Toch verwacht ik van Obama op termijn initiatieven in de richting van een vredesregeling tussen Israël en de Palestijnen. De sterren staan nu veel gunstiger dan onder Bush jr. De band van de VS met Israël kan en wil Obama niet verbreken, maar hij zal zich ook weer niet laten ringeloren door Israël als het gaat om een eerlijke oplossing van wat wel wordt genoemd ‘de moeder van alle conflicten’. Hij heeft zich daarvoor te zeer gecommitteerd aan een ‘tweestatenoplossing’. De benoeming van George Mitchell als speciale gezant voor het Midden-Oosten geeft dat ook aan. Deze is ervaren en gezaghebbend. Op zijn naam staat het Goede Vrijdagakkoord van 1998 in Noord-Ierland.

Zijn eerste taak is het broze staakt-het-vuren tussen Hamas en Israël te bestendigen. Ook is het wachten op het formeren van de nieuwe regering in Israel na de verkiezingen van 10-2. Natuurlijk zal de praktijk weerbarstig (kunnen) zijn, zeker nu Israel electoraal een ruk naar rechts heeft gemaakt en mogelijk of waarschijnlijk de sluwe Netanyahoo – een tegenstander van een Palestijnse staat – aan de macht komt in Israel. Of als een groot deel van de onderdrukten in die regio gelooft of blijft geloven in geweld als enige weg. Maar ik sluit niettemin op termijn een vredesakkoord niet uit via Amerikaanse druk. Ik heb me in elk geval door Obama laten overtuigen van de kracht van de hoop als ideaal en als wapen om te komen tot een betere wereld. Zulk een bezieling roept echter ook weerstand op, bijvoorbeeld bij rechtse Amerikanen. Het geweldsdenken is ook in de VS bepaald nog niet weg. Ik draag Obama en de wereld dan ook op aan het Universum en ga voor de hoop.

Dit artikel verscheen tevens in het magazine De Linker Wang van februari 2009.

Advertisements