10 april 2009Obama-Hu

April is de Maand van de Filosofie, dit keer in het teken van de ‘verzoening’. Op 11 april was er in Nijmegen een filosofisch Festival over Verzoening. Ik verwijs ernaar, omdat de term verzoening nogal eens viel in de eerste zeven dagen van april, ook wel de ‘Week van Obama’. Behoudens in Den Haag bij de Afghanistanconferentie, waar Hillary Clinton de honneurs waarnam, was Obama het middelpunt bij de top in Londen (G20), in Straatsburg (NAVO), Praag (VS-EU) en ten slotte Istanbul.

Hoewel politici als Brown en Sarkozy zich ook wel profileerden, was het Obama die de tv-journaals domineerde. Begrijpelijk, gezien het elan waarmee deze zijn boodschap bracht en waarin hij opereerde tijdens de onderhandelingen. Wouter Bos zei na afloop van de G20: “De Amerikanen waren eigenlijk vanaf het begin heel verzoenend.” Een verademing na de vaak onverzoenlijke toon van George Bush en gemakkelijker om zaken mee te doen. Bijvoorbeeld over het Internationaal Monetair Fonds (IMF), dat een leidende rol krijgt en gestut wordt met leningen ter grootte van vijfhonderd miljard dollar. Van belang voor de arme landen. Naast strikte afspraken over bonussen is een tweede belangrijk G20-besluit dat de Financial Stability Board (FSB) nu een steviger mandaat heeft hedgefondsen onder controle te krijgen. Of de Londense top een ‘keerpunt’ is, zoals Obama het typeerde, valt nog te bezien, maar mislukt is hij niet. Een succes was al dat het een vergrote G7 was met China en Brazilië en enkele kleinere landen er bij.

Belangrijk op zo’n top zijn de bilaterale gesprekken, zoals die tussen Obama en de Russische president Medvedev of de Chinese leider Hu Jintao. Toen de laatste bij een bespreking over de belastingparadijzen het met president Sarkozy maar niet eens kon worden, was het Obama die voorstelde te pauzeren, waarna hij Hu en Sarkozy apart nam, waarna er al gauw een compromis uitrolde. Obama zou hiermee volgens sommigen zijn diplomatieke gaven hebben laten zien. Het was in Straatsburg ook vooral aan hem te danken dat Turkije zijn bezwaar tegen de Deen Rasmussen als nieuwe secretaris-generaal van de NAVO uiteindelijk inslikte. De NAVO is overigens – ik beschrijf dat slechts analytisch – verdeeld over haar doelstelling. De Oost-Europese landen zien er een tegen Rusland gerichte organisatie in, terwijl de West-Europeanen meer op de lijn van behartiging van belangen zitten, ook inzake grondstoffen. Om die tegenstelling te verzoenen, is door druk van Obama besloten een nieuwe NAVO-strategie te schrijven. Ik ben bepaald geen fan van de NAVO – ik ben meer voor uitbouw en hervorming van de VN-Veiligheidsraad –, maar ik begrijp best dat een leider van de VS (nog) moeilijk afscheid kan nemen van dit bondgenootschap onder Amerikaanse leiding. Te meer nu hij deze nodig meent te hebben in Afghanistan, waar de NAVO – let wel ‘buiten eigen gebied’ – helaas al een vrij grote rol speelt. Helaas en tegen de eigen regels in: formeel noemt de NAVO zich immers een verdedigingsorganisatie voor het eigen grondgebied.

Bilateraal sprak Obama in Londen met de Chinees Hu ook over Tibet, maar hij deed dat naar verluidt discreet. Hu zou duidelijk gemaakt hebben dat China blijft investeren in Amerikaanse staatsobligaties. Brown wist China over te halen meer bij te dragen aan en zo meer zeggenschap te krijgen in het IMF. De macht van China is groeiende. Dooi met Rusland lijkt gelukkig ook de inzet van Obama. Samen gaan praten over kernwapenvermindering, het omstreden raketschild op de lange baan schuiven evenals een eventuele toetreding tot de NAVO van Georgië en de Oekraïne. In ruil daarvoor vraagt Obama van Rusland steun bij het intomen van Iran en bij de westerse operatie in Afghanistan. Met Medvedev is afgesproken dat Obama dit jaar Rusland bezoekt. Alleen het medio april bekend geworden voornemen van de NAVO om in mei een oefening te houden in Georgië is dom en geeft uiteraard opnieuw spanningen.

In Praag werd de band tussen de VS en de EU, die grote deuken had opgelopen door de illegale westerse oorlog in Irak sinds 2003, formeel weer hersteld. Ook een soort verzoening dus, hoewel dat in Straatsburg informeel ook al het geval was door de rol van Sarkozy, die Frankrijk doet terugkeren in de NAVO en aanbood ex-gedetineerden uit Guantánamo Bay op te nemen. Maar de meeste ophef maakte de toespraak die Obama hield voor een menigte in Praag, waarin hij stelde dat Amerika ‘streeft naar een wereld zonder kernwapens’. Het is tactisch en idealistisch tegelijk. Hij begrijpt dat het ongeloofwaardig is Iran en Noord-Korea te willen intomen in deze en dan zelf buiten schot te blijven. Hij beseft ook dat een kernwapenvrije wereld niet snel kan worden bereikt, maar voegt niettemin toe: ‘We moeten doorzetten, Yes we can.”

Het lijkt utopisch, net zoals plannen het bankieren weer terug te brengen tot wat normaal is of eens te gaan stoppen met de economie van het ‘nooit genoeg’. Maar het is ook utopisch om te denken dat kernwapens geen gevaar meer zijn. Dat zijn ze terdege, misschien wel meer dan ooit. Goed dus om als grootmacht te gaan bewegen naar op z’n minst vermindering daarvan en daarbij zelf het voorbeeld te geven.

En hoe goed ook dat Obama tevens de moslimwereld weer een hand toestak. Niet alleen door Turkije te bezoeken, maar door duidelijk te zeggen ‘niet in oorlog te zijn met de islam’, en door zelfs te pleiten voor ‘een uitgebreid partnerschap met de islamitische wereld’. Met recht verzoenend, iets wat we lange tijd node hebben gemist en wat hopelijk ook niet zonder weerklank zal blijven in het integratiedebat in Nederland. De recente ontspanningsgebaren van Obama naar Venezuela en Cuba, waardoor het laatste land medio april zelfs aanbood om over politiek gevoelige thema’s als mensenrechten en persvrijheid te praten, zijn ook tekenend.

Natuurlijk kun je over dit alles en de eerste honderd dagen van Obama cynisch zijn, al of niet uit wrok. Verzoening en dialoog? Mient Jan Faber gaf in een uitzending van Eén Vandaag (28 april) de voorkeur aan de havikachtige benadering van Bush jr., ook al moest hij toegeven dat die weinig succes had gehad. Ik dus niet. Het is natuurlijk alleen een begin, geen wind maar niettemin een bries. Ik ga hoe dan ook in elk geval niet voor wrok. Hoewel links wat dat ook moge zijn, geloof ik vandaag toch minder in de tegenstelling links versus rechts of in die van religie versus antireligie. Is de scheidslijn niet meer die tussen mensen die worden gedreven door wrok en zij die gedreven woorden door hoop?

Dit artikel verscheen tevens in De Linker Wang (april 2009), meerdere GPD-dagbladen en in Friesch Dagblad (4 mei 2009).

Advertisements