2 oktober 2009SoulForceGandhiKing

Wat de mensheid intrigeert, is dat Gandhi een daadkrachtige spirituele man is met een grote morele authenticiteit, die mild is zonder de mensen naar de mond te praten, die weet wat het doel van onze levensreis is en zich bij alles laat leiden door zijn innerlijke stem, die ook de elite waarschuwt niet te vervallen in slaafse imitatie van het Westen en die zonder leger iets presteerde wat eenieder potentieel in zich heeft, maar waarvoor hij of zij het moeilijk vindt de geestkracht op te brengen. Werd hij vooral bekend door zijn conflictoplossing, zijn erfenis is dus ook een krachtige consistente levenshouding met een heel eigen moderne spiritualiteit. Erg actueel, nu het in het Westen meer en meer gaat om 1) individualiteit, 2) authenticiteit en 3) innerlijke kracht.

Bovendien is die satya graha van hem niet louter een technisch model. Nee deze is – en daarin was hij zijn tijd ver vooruit – een strategie van de liefde. Een bevrijdingsmodel met een eigen spirituele kosmische visie. Een visie op de mens, die enerzijds vanuit angst opereert en macht najaagt, maar anderzijds ook iets goeds of een stukje God, Satya, in zich heeft, reden dat je hem, zegt Gandhi, niet mag doden, maar dat je hem juist moet helpen zichzelf te bevrijden van zijn angst en machtwellust. Vandaag zeggen psychologen hetzelfde.

Ik was als jonge vredesactivist in de jaren tachtig nogal eens in de vroegere DDR. Ik hoorde dan van mensen dat hun communistische machthebbers zo in de greep van angst en geweld waren, dat er in elk postkantoor, in elke grote winkel, ja in elke kerk tijdens de dienst soldaten met geweren aanwezig waren en dat daarom, zo zeiden ze me, Gandhi’s model voor hen de enige optie was om zich van hen te ontdoen. In Leipzig organiseerden ze toen elke maandagavond met kaarsen in de hand stille tochten, die elke keer uitgroeiden en het land uiteindelijk enorm elektrificeerden, wat mede verklaarde waardoor in 1989 de Berlijnse Muur viel zonder dat er een schot werd gelost.

Ik was ook nogal eens in Israël. Daarvan herinner ik me de uitspraak van de latere premier Rabin: “Een leger kan een leger verslaan, maar niet een volk.” Hij zei dat tijdens de eerste Palestijnse intifada, toen deze nog geweldloos was en de Palestijnen eensgezind Gandhiaanse self-reliance (onafhankelijkheid) aan het opbouwen waren met onder meer een schaduweconomie. Later kregen haat en geweld helaas de overhand en ontaardde de intifada. De machthebbers in Israël waren daar niet rouwig om. Bepaald niet. Ze hadden nu het argument om (extra) geweld te gebruiken. Met als gevolg meer haat en minder vrijheid. Tel uit je winst.

Ik ben niet pessimistisch over de wereld – de cultuur verandert langzaam, daarvoor hanteren antropologen de term cultural lag. Ik zie langzaam vooruitgang, ook dat de innerlijk krachtige Obama er nu is, maar de Palestijnen leren ons dat je jezelf in de vingers snijdt als je inconsistent bent qua strategie. Om Gandhi na te volgen, is het zaak in beide handen een olijftak te houden en geen mooi weer te spelen met een olijftak in één hand en een granaat achter de rug. Zoiets zet de tegenspeler op scherp om zich voor te bereiden op het moment dat ik de granaat tevoorschijn haal. Ken jezelf, zei Gandhi. Dan weet je ook dat geweld een eigen dynamiek heeft.

Gandhi’s geweldloosheid is ook een uitdaging voor elk van ons persoonlijk. Bij  ahimsa gaat het erom doelen te bereiken zonder fysieke, psychische en materiële schade toe te brengen. Niet kwetsen dus. Dat is nogal wat. We verwonden of doden niet fysiek, maar vaak doen we dat wel psychisch. Bijvoorbeeld door over anderen te roddelen, hen te ‘katten’, bevoogden, negeren, vernederen en sociaal uit te sluiten of soms zelfs openlijk te treiteren en te pesten.

Allemaal vormen van psychisch geweld. Het is van belang de eigen schaduwen onder ogen te zien. Psychiater Carl Gustav Jung zei hierover: “Wie naar buiten kijkt droomt, wie naar binnen kijkt wordt zich bewust. Men wordt niet verlicht door zich beelden van licht voor te stellen, maar door zich bewust te worden van de eigen duisternis.” Naast zelfvertrouwen is eerlijkheid over onze schaduwen dus essentieel. Dit omdat arrogantie het laatste is wat de mens past. Maar vooral omdat ontkenning/verdringing van het geweld in ons leidt tot projectie. Erkenning van de eigen schaduwen werkt al helend. Als je ze niet erkent, krijgt het macht over je bij het minste of geringste. Aan zichzelf werken is dus geen luxe. Carl Jung zei tijdens de Tweede Wereldoorlog: “De wereld hangt aan een zijden draadje, namelijk de psyche van de mens, de wereld wijzigt niet als het individu niet verandert.” De psychologie is nog een jonge wetenschap, maar door haar invloed, de vele therapie- en andere groepen en door het proces van individualisering, is de bewustwording sindsdien al sterk toegenomen, waardoor we vandaag Gandhi en zijn nadruk op het ‘ken jezelf’ en  soul-force veel beter beginnen te begrijpen.

Strategische formules in Gandhi’s geweldloosheid of ahimsa zijn: 1) dat ze niet symptomen bestrijdt, maar boven het geweld uitstijgt en dat we dus moeten leven naar wat we prediken, 2) dat spiritualiteit en soul-force ons daarvoor de kracht geven, 3) dat met open vizier wordt gestreden, 4) dat het goede niet kan worden afgedwongen met geweld, 5) mede daarom geen lijden moet toegebracht, maar dat er in het uiterste geval bereidheid is zelf lijden op zich te nemen, 6) dat geweldloosheid zich richt op het beste in de ander en 7) mede daarom vijandschap en haat taboe zijn, 8] dat in de geweldloze strijd het middel minstens zo belangrijk is als het doel en dat we daarin consistent moeten zijn en 9) dat er een goede verstandhouding met de persoon van de tegenspeler is.

Maar kunnen mensen zo’n strategie van de liefde opbrengen, als ze bij zichzelf geen innerlijke vrede constateren? Kunnen we überhaupt wel in vrede leven met een ander, laat staan vrede bij hem brengen, als we niet in staat zijn in vrede te leven met onszelf? Moeten we niet allen veel meer aan onszelf gaan werken, voordat we bijvoorbeeld een Gandhi kunnen nazeggen: “Ik heb van vijanden vrienden gemaakt. Mijn grootste succes was dat de Britten India verlieten als vrienden.” En het verzoeningbeleid van Mandela en Tutu dan? Kunnen we vergeven? Soms moet je half wankelende dictators een vrijwillig ballingschap aanbieden om verdergaand lijden en bloedvergieten te voorkomen. Of zeggen we nee, we willen wraak?

De spirituele giganten Gandhi, Mandela en Tutu waren zich bewust van angst als dodelijke factor; Gandhi noemde het de oorzaak van geweld. Een letterlijk citaat van hem: “Onze ware vijanden zijn onze angst, hebzucht en egoïsme.” Angst maakt ons klein of laat ons in zelfafwijzing belanden, de ziekte van deze tijd, die behalve tot depressie ook leidt tot negativisme. Dit met alle gevolgen van dien, nu we door de kwantumfysica weten dat 1) alles energie is en 2) dat we non-lokaal verbonden zijn met het bewustzijn van andere mensen. Gooi je dus zelfafwijzing en negativiteit de lucht in, dan bevorder je het tegendeel van wat Gandhi ahimsa noemt. We leven mede door het proces van individualisering in een tijdsomslag. Het gaat nu in het leven om zelfvertrouwen, authenticiteit en spirituele kracht. Alledrie zaken die Gandhi al sterk benadrukte. Van Inayat Khan is de soefiwijsheid: “Vechten met de ander geeft oorlog en worstelen met zichzelf geeft vrede.” Eerst jezelf transformeren, wist ook Gandhi.

“Geweldloosheid,” zei Gandhi eens, “is zachtmoedig, het kwetst nooit, het is als het goed is niet een gevolg van boosheid, het is nooit bedillerig, nooit ongeduldig, nooit schreeuwerig en lijnrecht tegenover dwang (…) en ik zal niet wachten tot het hele volk zich daartoe heeft veranderd, maar zonder omwegen een begin maken bij mezelf.” Zelf voorleven dus. Door de ontdekkingen van de kwantumfysica geldt temeer de klassieke uitspraak van ‘zoals de mensen zijn, zullen de tijden zijn’. Ook dat engagement gedoemd is te falen, als we niet in de gaten hebben dat een conflict dat we buiten onszelf tegenkomen vaak een uitdrukking is van een conflict in onszelf. Zijn we niet te veel bezig anderen te veranderen om zo onze eigen probleem op te lossen? Ook in het groot bij militaire interventies? Het Westen is zo bevoogdend, hoor ik vaak als antropoloog onderweg.

De progressieve Amerikaan George Kennan zei eens: “Bevoogden en onszelf beschouwen als leraren voor de rest van de wereld is verwaand en ondoordacht. Als jij denkt dat jouw manier van leven navolging verdient, dan is de beste aanbeveling niet anderen de les te lezen, maar zelf het goede voorbeeld geven.” Inderdaad niet bevoogden, ieder heeft zijn eigen proces. Gandhi: “Kijk naar mijn levenswijze, hoe ik leef, woon, eet, zit, praat en me gewoonlijk gedraag, al die dingen samen in me, dat is mijn religie.” “Ahimsa kan niet zonder zelfaanvaarding, niet zonder gevoel voor het hogere en niet zonder liefde voor de mensheid.” Dat hogere, volgens hem een ‘ondefinieerbare mysterieuze kracht die alles doordringt’, noemt hij behalve God: Waarheid, Bewustzijn en Essentie, allen godsbeelden die de laatste jaren bij ons ook in zwang komen. Ook dat we een stukje God in ons hebben. Gandhi was qua bewustzijn, ja in vele opzichten, zijn tijd vooruit.

Gandhi had zijn successen omdat hij opereerde, niet vanuit het dualistische wij-zij, maar vanuit eenheidsbewustzijn en het hart, wat ook betekende inlassen van stilte, weet hebben van de wetten van het universum en luisteren naar je innerlijke stem. Vandaag zien we in dat zo’n houding een enorme kracht is en leidt tot vrijheid, authenticiteit en individualiteit. Gandhi was een voorloper van deze nieuwe attitude, die aan het opkomen is. “Bij de meeste mensen slaapt de geest, waardoor het hun ontbreekt aan soul-force, maar als al één mens die geest bij zich doet ontwaken, wordt daarmee de aarde een beetje opgetild,” zei hij eens.

Soul-force is een enorme kracht, via welke je leeft vanuit een hoger ideaal en via welke je niet gericht bent op eenzaamheid, angst, rivaliteit, wrok, iemand gebruiken, op tekort en eigenbelang, maar meer op gelijkwaardigheid, verbinding, mededogen, vrijheid, geven en denken in overvloed. Luther King formuleerde het als volgt: “De zwakte van geweld is dat het een neergaande spiraal is en juist datgene opwekt wat je wilt vernietigen. Met geweld kun je de hater doden, maar niet de haat. Met geweldloosheid hebben we echter een kracht die groter is dan een kernbom. Want een bom kan alleen vernietigen, maar geweldloosheid kan harten veranderen.”

Dit is een toespraak gehouden in Den Haag en Wassenaar ter gelegenheid van de internationale vredesdag van 2 oktober, op de geboortedag van Mahatma Gandhi.