Premier Den Uyl wilde de treinkaping bij ‘De Punt’ in 1977 ’per se langs vreedzame weg beëindigen’. Dit werd onlangs onthuld door de Volkskrant, die de hand legde op oude ministerraadverslagen. De Molukse kapers lieten de gegijzelde schoolkinderen in Smilde vrij, maar stelden hoge eisen. Minister Van Agt koos voor ‘n ‘uitputtingsstrategie’ die niet werkte omdat de kapers jong en krachtig bleken.

De vredesbeweging wees de gijzeling af maar wilde ook dialoog. Vijftig mensen boden zich aan om de plaats van de (toevallig) gegijzelden in te nemen. Zo zou de dialoog ruimte krijgen zonder dat het welzijn van de treinreizigers een argument tot snel militair ingrijpen werd. Ik leidde mede deze groep. De Punt bood ons een school van waaruit we opereerden, de media te woord stonden en voorstellen deden om aan Molukse grieven tegemoet te komen. Er waren pogingen tot bemiddeling, o.m.van psychiater Dick Mulder, die vrije aftocht beloofde.

Eerder had de RMS bij de VN aandacht gevraagd voor de Molukse zaak. Benin erkende de Molukse staat RMS, die in dat land een eigen ambassade kreeg. Tijdens de kaping kregen Molukse leiders aldaar de toezegging dat de kapers welkom waren in Benin. RMS-president Tamaela stelde de Nederlandse regering op de hoogte en kwam naar Nederland om de kaping tot een geweldloos einde te helpen brengen en ‘de jongens’ mee te nemen naar Benin. In een gesprek dat ik onlangs had met oud-minister Van Agt ontkende deze de Benin-uitweg.

Een ‘vrije aftocht’ was hoe dan ook onbespreekbaar. Geen gezichtsverlies leiden bleek belangrijker dan mensenlevens sparen. Strak juridisch denken gaf de doorslag: de kapers mochten hun straf niet ontlopen. Het besluit tot militair ingrijpen waarbij twee treinreizigers en zes kapers met kogels werden doorzeefd, viel in het team van vijf ministers, waarbij Van Agt, Van der Stoel en De Gaay Fortman sr. voor stemden. Van Doorn en Den Uyl stemden tegen. Den Uyl noemde het ‘een nederlaag’ en later zelfs ‘een executie’, Ja, alles wijst op dat laatste.

Molukse nabestaanden waren boos, ook omdat de aanval op de trein werd ingezet vlak voor de aankomst van Molukse leiders die zo geen kans kregen te bemiddelen. Wie politiek geweld wil bestrijden zonder (massief) tegengeweld moet elke kans aangrijpen. Dat lijkt een moeilijke les voor Nederland. Het zou Dries van Agt sieren als hij kritischer durft terug te blikken. Leren we van de geschiedenis? Ook in deze tijd van ‘jihadisme’ zijn methoden als preventie, indamming en bemiddeling te verkiezen boven de ‘sla er op’ houding, als dialoog even niet vlot/ver weg lijkt.

Dit artikel verscheen tevens in Trouw 20-4-14 en in eerdere (langere dan wel kortere) versies in joop.nl, thepostonline.nl, De Linker Wang, Hooglandse Nieuwe en VredesMagazine

Advertisements