15 maart 2015

Het aantal bekeerlingen – er zijn zelfs artsen en agenten onder hen – tot de islam nam na 7-1 (aanslag Parijs) ineens toe. Tevens was er na de ook onlangs weer brute onthoofdingen van gijzelaars door IS geen afname van het aantal ‘jihadisten’, die naar Syriē en Irak willen. Hoe deze paradox in onze ogen te duiden? Er was rond 20-2 een conferentie in de VS over hoe (jihad)-extremisme te beteugelen. Enkele kopstukken uit Europa, o.m. de Rotterdamse burgemeester van Marokkaanse origine, waren er bij. Logisch dat ook Obama er een speech hield. Hij wees daarin op ‘het gebrek aan economische vooruitzichten en goede scholen’. Geen slechte speech op zich.

Velen wijzen op de ‘materialistische’ oorzaak van het ‘vluchten’ van jongeren in ‘jihadisme’ en andere vormen van geweld. Minder goed te zijn opgeleid en geen baan hebben, zal zeker meespelen, maar lijkt nochtans niet de kern. Ook niet voor het feit dat zowel in Ottawa na een aanslag op het parlement eind vorig jaar als nu in Frankrijk (zelfs met 25%) het aantal bekeerlingen naar de in hun ogen ‘activistische’ islam toenam. Net als in de muffe (en moralistische) jaren ’50, missen jongeren nu idealisme in onze moderne samenleving, dus iets, dat verheven is, dat erkenning geeft en hun ziel zal ‘zuiveren’.

Als dit het geval is, dan is dat voor ons een spiegel, zo niet een aanklacht, dus dat de samenleving, de mainstreamreligie incluis te weinig bezieling heeft en dat die de mensen dus niet echt blij maakt. Voorheen was dat ook wel het geval. Er lijkt sprake te zijn van golfbewegingen, waarin het gebruik of romantisering van geweld voor het goede doel ‘in’ is. Hoe rechtvaardigde de Bader Meinhof-groep ook weer hun wandaden eind vorige eeuw? Ging het hen toen niet om een ‘rechtvaardig’ doel?

Surrogaatidealisme?
Nationalisme, ooit door Einstein de mazelen van de mensheid genoemd, was vaak ook zo’n surrogaatidealisme, gericht op het vaderland, dus iets waar je in op kon gaan, geweld voor kon hanteren, ja zelfs met overgave voor kon sterven. Soms zelfs met een ‘eindtijd’-fictie, al of niet op grond van een institutionele (vaak dogmatische) religie, ook al komen vrede en mildheid in de meeste religieuze geschriften ook in de koran, vrij vaak voor. De troost is dat men na enige of wat langere tijd door ervaring vaak tot het inzicht komt dat het een soort surrogaat, dus iets vals is en dat het in wezen veel ellende brengt, ook voor zichzelf.

Ik heb het nu even niet over de straf-rechterlijke kant en hoe hier aanslagen te voorkomen. Ook niet om de vanuit de rechtsstaat en geweldloosheid wat vreemde uitspraak van premier Rutte, dat de al vertrokken ‘jihadisten’ maar ‘beter kunnen sneuvelen’. Waar het mij om gaat is, dat het zo jammer is, dat jongeren telkens weer in bovengenoemde valkuil trappen, zoals ook nu de enthousiastelingen voor het ‘kalifaat’ in Syrië, waarbij zelfs antieke cultuurgoederen het moeten ontgelden. Het enige is onze jongeren, vooral de minderjarige , let wel hen die nog niet vertrokken, er in liefdevolle dialogen op te wijzen, dat ook wij voorheen wel in dezelfde valkuil trapten, dus via het denken dat geweld van onderop prima ‘werkt’. Maar dat velen van ons soms vanuit harde ervaringen toen leerden, dat dit een vergissing bleek, meestal (nog meer) repressie opriep.

En is idealisme niet veel effectiever, als je de romantiek van geweld en (de er mee gepaard gaande) haat en bitterheid vervangt voor de moed en strategie van geweldloosheid, waarbij de ‘onderdrukker’ minder de grote vijand is dan wel als een te ‘bevrijden’ tegenspeler. Die strategie kan trouwens bogen op meer successen dan we vaak denken. De Muur in Berlijn viel bijv. zonder dat een schot werd gelost. Bovendien neem je met geweld, waardoor je misschien de hater doodt, de haat niet weg. ‘Hoezeer we ook botsten met de Britten, zei Gandhi ooit, ‘mijn grootste succes was, dat zij mijn land als vrienden verlieten’. Waarvan acte.

Dit artikel verscheen in dagblad Trouw 11-3 onder de kop ‘Ons gebrek aan idealisme jaagt jongeren naar Syriē’ en in een andere versie op de VARA-discussiesite joop.nl, voorts in konfrontatie.nl en als (kleinere) column in VredesMagazine.