februari 2017

Komen en gaan lijkt onderdeel van het ‘panta rhei’ (alles stroomt) en het evolutieproces van het ‘goddelijke leven’. Soms is het afbraak en dan weer de geest van opbouw of vernieuwing. Een geest van:  ‘it is in the air’. Zo’n 500 jaar terug bleek dit het geval met Luther – een held, hij had het met de dood kunnen bekopen, wist immers dat de Clerus geen oppositie gedoogde -, ook al kun je je afvragen of de vernieuwers van toen – anders dan Erasmus – niet te snel kozen voor een totale breuk met de kerk in crisis. Een vraag die je wellicht ook kunt stellen bij de opkomst van de ‘nieuwe spiritualiteit’, in en (vooral) buiten de kerk. Los van de rechtlijnigheid, die na 1517 al gauw bij protestanten ontstond, zie ik niettemin qua vernieuwing een parallel tussen beide. Er groeide in 1517 met een oppermachtige clerus als tussenschakel ineens het nieuwe besef: ‘ik sta zelf als mens in een persoonlijke verhouding en beleving tot God’.

HET ZELF ALS INDIVIDU KUNNEN ERVAREN

Net als vandaag in een vrij grote onderstroom, maar dan onder de noemer verbinding met de Bron, de Oergrond, de Ene, dus God, niet hoog in de lucht maar hier en overal, in alles en ook in ons. Het principe is hetzelfde, nl. dat we de verbinding met de Bron zelf kunnen ervaren. Ja ook rond 1517 was dit ‘in’, zeker bij de ‘nadere reformatie’, mensen gingen zelf meer voelen en geloven; een Erasmus legde ook nadruk op onze vrije wil. Helaas ging al gauw deze spiritualiteit verloren en zocht men het in ‘verstandelijk geloof’ met ook bijna geen rituelen, terwijl katholieken reageerden met een weinig overtuigende restauratie. Gelukkig kwamen er daarna wel weer andere vernieuwingen op, zeker in kloosters. Rond 1935 o.a. ook in kringen rondom de bekende joodse Etty Hillesum, net als Eileen Caddy van Findhorn een voorloopster van de nieuwe spiritualiteit van nu. Etty verwierp dogma’s, mediteerde elke ochtend, deed aan reli-shoppen en zocht het goddelijke in eenheid en in haar binnenste, begrijpend dat je daarvoor jezelf leeg moet maken van oude pijn en overtuigingen. De beweging van thans richt zich ook op onze reis van innerlijke religiositeit, transformatie, zelfacceptatie, heel-wording, bewustzijnsverruiming en leven vanuit verbinding met het Goddelijke en zo te ontwaken naar ons ware Zelf. Compassie is dan het gevolg, niet van bovenaf, maar van binnenuit, zoals ook Etty, weten we uit haar dagboeken, in ‘Westerboek’ anderen hielp ‘stukjes God en Liefde’ weer op te delven in hun geteisterde harten.

Column in Hooglandse Nieuwe febr.’17

 

Advertenties